| Bijzonderheden |
|
Het
ontwerp van de twee stookgebouwtje is met recht een pareltje van
de vroege Uithofarchitectuur. Wouda gaf de ketelhuizen de vorm
van een bunzenbrander. Het grootste gedeelte van de bedrijfsruimte
bevindt zich onder het maaiveld. De gasketels en sinds1985 ook
de gasmotoren voor warmtekrachtkoppeling, staan in een cirkel opgesteld.
In totaal stond (tot 1 januari 2006) in de beide centrales voor
7,75 MWel vermogen in warmtekrachtmotoren opgesteld. Met deze motoren
werd een substantieel deel van de elektriciteitsvraag van de universiteit
in De Uithof opgewekt. De productie bedroeg zo'n 40 to 45 miljoen
kWh per jaar. Het verbruik van De Uithof is anno 2004 ruim 55 miljoen
kWh. Sinds de liberalisatie van de energiemarkt is het kostbaar
om het verschil tussen productie en verbruik in te kopen. Een uitbreiding
en vernieuwing van het motorenpark in een nieuwe
centrale is inmiddels
gerealiseerd en vanaf 1 januari 2006 in gebruik genomen.
In de nieuwe centrale leveren 6 motoren ruim 13 MWel. Met WKC-2
(aan de Princetonlaan) is er in De Uithof ruim 16 MWel voor de
universiteit beschikbaar. In WKC-1 (aan de Jenalaan) wordt vanaf
1 januari 2006 geen warmtekrachtkoppeling meer bedreven.
Dit gebouw blijft als ketelhuis intact.
Vanuit de ketelhuizen vindt invoeding van warm water plaats in
het Uithofnet dat dient voor de ruimteverwarming van een groot
aantal universitaire gebouwen en panden van derden.
Tevens wordt warmte uit dit net gebruikt voor koelingsdoeleinden
door middel van absorptiekoelmachines.
|