| Bijzonderheden |
|
Neutelings hoofdidee, dat het hele
uiteindelijke Minnaertgebouw heeft bepaald, was om een grote hal
te maken die voor een groot deel de functie van trappenhuizen en
gangen verving. Met de verloren verbindingsruimtes kon nu iets
leuks gedaan worden. De grote hal is daarvan het resultaat. De
monotonie van het binnenklimaat is er doorbroken. De hal is niet
verwarmd. Daardoor varieert de temperatuur, net als in een kerk
met de seizoenen. Die verbinding heeft Neutelings versterkt doordat
de hal wordt verlicht met daglicht via een soort trechters in het
dak. Daar komt, afhankelijk van het weer, meer of minder licht
door naar binnen, maar ook regenwater, dat in een grote vijver
in de hal valt.
Neutelings verwerkt veel functionele aspecten in
zijn ontwerp: het geluid in de studiezalen wordt door de ruimte
zelf gedempt, kolommen in het restaurant zorgen voor daglicht,
ventilatielucht en geluidsdemping. Ook verwarming en koeling maken
deel uit van de architectuur. Zo vormt de hal met zijn vijver van
regenwater het hart van een koelsysteem wat het water het hele
gebouw rondpompt.
Eén hoek van het gebouw rust op de letters 'MINNAERT', met recht een
stabiele naam. De dakdelen van het gebouw hangen aan dertien liggers
die kolomvrij op de buitengevel rusten. Het gebouw heeft geen koelinstallatie,
de regenwatervijver in de hal doet dienst als reservoir voorde koeling
van de plafonds op de begane grond. Een deel van het water wordt gebruikt
als grijs spoelwater voor de toiletten. De ruwe huid van het gebouw
is gemaakt van spuitbeton.
Tejo Remy (Droog Design) ontwierp voor het Minnaertgebouw de lichtklok:
vier felle autolampen aan lange ijzeren pijpen die met een fietsketting
en een tandwiel in 24 uur ronddraaien. De inspiratie komt uit het boek
van Minnaert.
De metalen schalen met schelpen in de centrale hal zijn een ontwerp
van industrieel vormgever Frans Parthesius.
De vormgeving van de deuren in de kantoortoren is van Perry Roberts.
|