| Bijzonderheden |
|
Het
gebouw is onderdeel van de kashbazone. Bij
het ontwerp van het FEM-gebouw is het uitgangspunt van de kashbazone
(hoekpunten van het kavel bebouwen, gesloten gevels aan de begrensde
zijden en lichttoetreding via binnenhoven) optimaal uitgewerkt.
De architecten van Mecanoo hebben de patio
tot spil van hun ontwerp gemaakt. Het gebouw kent drie binnenpatio's:
de zenpatio, de junglepatio en de waterpatio. Zij vormen het hart
van het gebouw en zijn de belangrijkste elementen.
De waterpatio is tapsvormig. Het is de smalste van de drie patio's met een lengte
van 70 meter en een breedte oplopend van 4 tot 14 meter. Het water symboliseert
de rust in het gebouw. De gevels bestaan hoofdzakelijk uit glas met aan een zijde
aluminium lamellen als zonwering waarmee ook de buitenzijde van het gebouw is
bekleed. In de waterpatio is een kunstwerk van Gera
van der Leun geplaatst dat
bestaat uit rechthoekige aardekleurige blokken die zijn opgesteld in een steeds
groter uitwaaierende cirkel.
De junglepatio is de enige patio die toegankelijk is voor het publiek.
Deze heeft een hoekige dynamische vorm en is de grootste van de drie patio's.
De hoofdbeplanting bestaat uit bamboe. De gevels sluiten met hun materiaalgebruik
aan op de jungleatmosfeer. Verder bevindt zich hier een kunstwerk van Linda
Verkaaik,
dat in de loopbrug verwerkt is. Verkaaik heeft temidden van de echte bamboe kunstmatige
bamboes geplaatst, die uit ijzer gelast zijn en verrijkt met tekst en tekens.
De hoogste bamboes hebben een overkoepelend dakje van gaas met fel gekleurde
elementen van perspex. De schaduwvormen van de bamboes, bankjes en dakjes zijn
weer te vinden in gekleurde mozaiekpatronen in het rooster.
Het ontwerp van de Zen-patio is geïnspireerd op de
Japanse meditatietuinen. Deze patio is uitgevoerd in harde metalen en is de meest
statische van de drie patio's. De gevels zijn voorzien van houten, western red
cedar roosters als zonwering. De zenpatio bestaat uit twee soorten grind, veertien
reusachtige keien en twee bomen.
Aan de straatzijde van het gebouw liggen de centrale voorzieningen
zoals de receptie, de mediatheek, het restaurant, het grote auditorium en diverse
collegezalen. Deze grote collegezalen hangen als vier onregelmatig gevormde dozen
in de noordvleugel. Het grootste blok is bekleed met kobaltblauw geëmailleerd
plaatstaal. Daarnaast hangt een wit gestucte doos met een zaal voor 150 studenten.
Daar weer naast ligt een met fijnmazig ijzer raster bekleed blok met drie zalen
van 90 plaatsen en aan het uiteinde tenslotte hangt een rechthoekige doos met
twee collegezalen met 120 zitplaatsen. De voorgevel en een deel van het dak zijn
gemaakt van glas waardoor de collegezalen van buiten duidelijk zichtbaar zijn.
Het gebouw van de FEM telt zes studiepleinen. Elke afdeling
heeft haar eigen studieplein, waar studenten terecht kunnen met vragen of gewoon
kunnen studeren. Op ieder studieplein bevindt zich een kunstwerk van Henk Metselaar.
Hij heeft de toiletblokken voorzien van muurschilderingen. In de muurschilderingen
zijn elementen verwerkt die te maken hebben met de provincie Utrecht.
|